12954550665_1d62108393_bVoordat ik naar Kenia vertrok had ik op basis van ons reisschema een bepaald beeld bij hoe het zou zijn. Zowel de momenten die leuk zouden zijn, als de momenten die me vanwege de ellende zouden raken. Zaterdagmiddag heb ik onbewust zo’n moment ingepland waarop ik geraakt zal worden door de ellende die er is.


Home-visit doen

We bezoeken een Compassion project in het binnenland van Kenia bij de Massai stam. Die stam kende ik hiervoor alleen maar van de koekhap-reclame, maar wat ik me er echt bij voor moest stellen weet ik niet. Wel weet ik dat we een ‘home-visit’ gaan doen. Dat is een bezoek aan het huis waar een van de kinderen uit het Compassion project woont. In Brazilië heeft me dat enorm aangegrepen en ik verwacht dat dit nu ook wel weer zo zou zijn.


Balletje trappen

Terwijl de Belgisch aandoende snelwegen onder ons voorbij schieten staar ik uit het raam en zie het landschap veranderen. Ik probeer me een beetje voor te bereiden op het leed dat ik denk aan denk te treffen straks, als onze chauffeur plotseling de auto aan de kant zet bij een kleine parkeerplaats. Even de benen strekken. De voetbal, die al de hele reis bij ons is, wordt uit de auto gehaald en we trappen een balletje op de parkeerplaats. Mijn voetbaltechniek is ongeveer net zo ver ontwikkeld als de dorpjes hier op het platteland, en als ik de bal weer eens van mijn voet laat stuiteren loop ik een eindje de groep uit om ‘m terug te halen. En daar staat hij opeens.

Ontmoeting Kenia

Mijn oudste zoon
Een klein ventje met een heleboel verlopen kleren aan. Hij houdt het handje van zijn zusje vast en staart me met grote ogen aan. Ik kijk terug en in een flits zie ik Lukas, mijn oudste zoon, staan. Ze moeten ongeveer even oud zijn. Verward blijf ik staan en ga op mijn hurken zitten. Ik steek mijn hand naar hem uit en hij legt zijn handje in die van mij. Het gebeurt me niet vaak, maar ik heb geen tekst. Ik kijk alleen maar en hou zijn handje vast. Een paar minuten kijken we elkaar aan. Gevoelens van onmacht, hulpeloosheid en wanhoop vechten om voorrang. Alles in mij schreeuwt dat dit niet klopt.


Recht mijn hart in

Dan dringt vanuit de verte ineens de stem van onze reisleider tot me door. We moeten verder. Ik trek mijn hand terug, maar hij blijft me vasthouden. Uiteindelijk aai ik over zijn hoofd en dan laat hij me los. Samen met zijn zusje loopt hij een lange zandweg in, schijnbaar zonder eindbestemming. Ik kan ‘m nog heel lang zien lopen en hij draait zijn hoofdje af en toe om en kijkt mijn kant op. Recht mijn hart in. We gaan elkaar waarschijnlijk nooit meer zien. Terwijl we wegrijden bid ik het jochie zo dichtbij God als ik maar kan en probeer hem dan los te laten. Dat was twee dagen geleden en het lukt me niet.


Dat onverwachte kereltje

Die dag hebben we nog een ‘home-visit.’ We zien armoede op het platteland, schrijnend. Een klein huisje waar een oude vrouw met acht kinderen woont. Erg heftig, maar het blijft voor mij wat op afstand. De dag erop loop ik dwars door een sloppenwijk. Zo mogelijk nog schrijnender, maar ook dit grijpt me niet volledig bij m’n keel. Ook onderweg, vanuit de bus, word je hier continue geconfronteerd met ellende en armoede. Allemaal momenten die ik ingecalculeerd had om diep door geraakt te worden, maar het blijft allemaal een beetje op afstand. Dat ventje. Dat onverwachte kereltje aan de kant van de weg dat ik tegen het lijf liep omdat ik niet kan voetballen. Hij veranderde mijn reis. Hij veranderde mij. Ik dank God voor onverwachte ventjes in mijn leven en bid dat ik daar altijd oog voor zal hebben.

© 2011-2017 Compassion Nederland. Alle rechten voorbehouden.